Corona in detentie

Corona in detentie

Lieve Blomme gaf deze week een interview in Tertio.Zij is namelijk een van ons, de aalmoezeniers verbonden met de gevangenis (in dit geval in Brugge) die en verscheiden waaier van medewerkenden in de pastoraal uitmaken, waarvan een minste deel nog de priesters zijn. Ik beaam wat zij daar zegt: ‘Dit werk is een godsgeschenk’
Onze oudste gevangene hier, die al een mooie sociale carrière opbouwde, getuigt: ‘dat is de onderbuik van de samenleving.’

Levensgeschiedenissen

Met al die levensgeschiedenissen hebben wij te maken en we voelen nu nog veel meer prangend de diepe tragiek van deze levens aan: de beperkingen zijn al een hele tijd zwaar geweest: geen bezoek, iets wat voor de meesten zo belangrijk is. Gelukkig waren er videochats. Een van mijn vrienden daar vertelt dat hij zo elke avond een sprookje kan voorlezen voor zijn kleuter; dus toch nog een wondermiddel. Maar voor velen zijn de relaties al helemaal spaak gelopen en als dan alle contact verloren gaat is het dramatisch.

Corona

Wij als vrijwillige aalmoezeniers zijn ook al vier maand lang weggebleven van onze job. Ook voor ons al erg, maar erger nog voor hen die voor kleinigheden op ons rekenen. Het is mij niet duidelijk of er erge slachtoffers geweest zijn van corona, maar de regels werden uiteraard ook toegepast uit veiligheid: ontsmetten, maskers. Maar in de cel en op de wandeling ging alles gewoon door. Lessen werden evenwel opgeschort.

Alles normaal?
Nu sinds enkele weken draait alles normaal, maar bepaalde wetten en beperkingen drukken op de cipiers en de gedetineerden. Maar elk van hen tracht er het beste van te maken. Voor ons is bezoek aan de cellen- wat gewaardeerd werd als een bezoek 'ten huize'- helemaal weggevallen.
Het nieuwe normaal is dat wij in ‘ons lokaal’ mogen zituren houden en één voor één mensen laten oproepen door de cipiers. Ze geven dan door: ‘ Wens je een gesprek met de aalmoezenier?’ Dat kan voor sommige vreemd, ongewoon of misschien bedreigend overkomen. Dat weten we niet. Sommigen zijn heel blij eens uit de beslotenheid te mogen treden, anderen ervaren het als een kans om het eens te zeggen en alles op een rijtje te zetten. Niet zelden worden het uitvoerige, eerlijke gesprekken waar ze ‘hun pakketje’ mogen afgeven.

En zo bracht het een het andere
De verhaaltjes vertrekken meestal vanuit een oncomfortabele of totaal mislukte jeugd als dupe van een gestoorde gezinssituatie. Drugs en drank gaan dan gewoonlijk de rol spelen van ersatz om het leven zinvol te vullen en meestal in een roes te leven. In die roes is veelal ook ‘het feit’ of zijn ‘de feiten’ gebeurd. Sommigen vertellen stoer, anderen voelen zich plat op hun stro getrokken en willen weer opstaan, met al de kracht die ze nog kunnen samenscharrelen. Een luisterend oor en veel woorden van bemoediging van onze kant kunnen daar veel betekenen.

Het geloof                                                                                                                                                                                                                                                                                            In die gesprekken komt ook wel eens het geloof ter sprake, of het verlangen de mis te vieren met ons. Ook in die viering is de ernst nu groter geworden. Een viering met de stoelen op afstand en met gezichtsmasker draagt ook bij tot die rust. Wat ik wil overbrengen als boodschap meen ik zelf wel te weten, maar hoe het werkt in de harten laten wij aan ons Heer over.

Met Jezus verbonden                                                                                                                                                                                                                                                                        Jezus heeft ook mij naar de gevan-genis gestuurd omdat Hij beseft dat ik al meer dan vijftig jaar priester ben voor mensen uit de middenklasse. ‘Die gezonde mensen hadden niet altijd een dokter nodig’ dacht Hij; de verlatene van onze samenleving zullen wel van tijd een vaatje hoop scheppen. Dat voel ik. Daar bid ik voor en hopelijk jullie met mij. Als wij nu het zelfde masker dragen, dat zij in de gevangenis gemaakt hebben en altijd maar weer wassen, voelen we ons met el-kaar verbonden.

Amand De Cock, pr.